beren

Oude liefde roest nooit

Het is vakantie. Meivakantie, tulpvakantie, hoe je het ook wil noemen. De docenten van mijn opleiding zien deze week als een kans om eens lekker wat extra opdrachten te geven. ‘We hebben immers tijd genoeg nu we niet naar school hoeven.’

In de praktijk zou dat zeker kunnen werken, ik hoef niet naar school dus houd ik twee avonden over die week. Echter… als je moeder bent is het ook fijn om wat tijd door te brengen met je kind, dat ook vrij is. In mijn geval zelfs twee weken. Op de basisschool zijn ze niet zo zuinig met vakantiedagen. Voor mij hierdoor dus minder tijd: minder tijd om te werken en minder tijd om te studeren. Wel veel tijd om samen met zoon Kris leuke dingen te doen en wat meer aan ontspannen toe te komen. Wat ook weleens fijn is. Om niet gewoon van hard nodig te spreken.

Nuttig en aangenaam

Zoon Kris en ik besluiten samen – ok, enig aandringen van mijn kant – om op twee van de dagen dat we samen thuis zijn deze week ook een nuttig klusje te doen. Op maandag werd dat het opruimen van zijn bureau. Met een muziekje aan, dansend en een beetje gek doende, leerde ik hem dat opruimen iets anders is dan stapeltjes maken en aan de zijkant van je bureaublad leggen. Gelukkig merkte hij niet op dat mama’s bureau er wél zo uitziet…

Op vrijdag ruimden we de kledingkast uit. Passen, meten en onderhandelen (sommige shirts mogen echt niet weg: ‘Van tante Sonja gekregen mama, dat wil ik nog bewaren!’).
In een hoekje achterin de kast lag een zwarte plastic tas. Voordat ik die weg kon moffelen had Kris hem eruit gehaald en geopend. Vier beren keken hem glazig aan. Met een frons keek hij naar mij. ‘Mama?’

De geschiedenis van Beer

Lange tijd was Kris niet van de knuffels, maar opeens was daar Beer. Beer werd onmisbaar, zo onmisbaar dat hij dubbelgangers moest krijgen. Dat was vrij makkelijk want meerdere mensen kregen deze beer bij een bekend wasmiddel: een kwestie van de vraag uitzetten en afwachten. Het resultaat was vijf beren, min of meer identiek aan dé beer. Wij blij, Kris blij. Beer was altijd in de buurt en hij was op miraculeuze wijze direct droog als hij de wasmachine in was geweest.

Slechts één keer ging het mis. Eén van de reserve beren had een ander gezichtje, zijn ene oogje zat wat lager dan de andere. Hierdoor kreeg hij een andere uitdrukking. ‘Mama, dát is niet Beer!’ Een snelle wisseltruc redde me van een enorme driftbui en de schele beer verdween voorgoed in de zak. Tot nu.

In ere hersteld

Met het verstrijken van de jaren werd Beer iets minder belangrijk. Hij werd zelfs een paar keer gedegradeerd tot broer van een nieuwe favoriete knuffel. Toch bleef Beer het belangrijkste onderdeel van de snelgroeiende knuffelverzameling. En dan is er nu gewoon een zak vol beren!

Eenmaal ontdekt wordt de ongebruikte banneling er tussenuit gepakt, goed bekeken en geknuffeld. ‘Hij is zo mooi schoon en zacht!’ Hij mag in bed te liggen en verschijnt de volgende ochtend bij het ontbijt. ‘Hij is juist lief met dat oogje schuin.’ Met die woorden verdwijnt hij zelfs in de logeertas die we klaarmaakten voor bij opa en oma.

0 reacties

Plaats een Reactie

Wil je op dit artikel reageren?
Hieronder kun je jouw reactie achterlaten!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *